Bidden voor ISIS

Alles in me schreeuwt om straf, om ingrijpen, om rechtvaardigheid, maar Jezus roept op te zegenen wie ons vervloeken.

(ds. Ron van der Spoel, Open Doors)

Iedereen die de beelden ziet van wat ISIS doet met christenen en yezidi’s staat voor de keuze: zap je weg? Ga je gauw iets anders doen? We willen allemaal gewoon doorgaan met ons leven en niet nadenken over het onvoorstelbare leed van anderen. Of …, laat je het leed van Irak en Syrië wel bij je binnenkomen? Kijk je wel naar foto’s van vluchtende christenen en uitgehongerde yezidi’s? En hoe ga daar dan mee om?

‘Bidden!’ is dan het antwoord dat klinkt in de kerk. ‘Bid!’, is wat onze Iraakse en Syrische broeders en zusters zelf aan ons vragen. Bidden wordt door hen niet gezien als iets wat je doet bij gebrek aan beter. Bidden is het belangrijkste wapen dat zij en wij hebben. Als je bidt, vecht je mee in de strijd die daar op dit moment gaande is.

climax

Wat we daar zien is de geestelijke strijd tussen de Here God en Satan. Die begon in Genesis 3, kwam tot een climax toen Christus stierf aan het kruis en opstond uit de dood. Deze strijd gaat ook na de overwinning van Jezus door, al weten we wel Wie wint. Het is deze geestelijke strijd die soms concreet zichtbaar wordt. Nu zien we dat in Irak. ISIS markeert huizen van christenen met de Arabische letter ‘N’; hiermee wordt ‘nasrani’ bedoeld, wat letterlijk betekent ‘Nazarener’. Daarmee geven ze een helder signaal af: zoals Jezus de Nazarener stierf, zo verjagen of doden we nu jullie. Ze willen de naam ‘Christus’ of ‘christen’ niet eens in de mond nemen, zo groot is hun haat. Daarom noemen ze christenen ‘nasrani’ – volgers van de man uit Nazareth. Bij deze geestelijke strijd zijn ook wij betrokken en ons wapen is gebed.

Hoe bid je dan? In de eerste plaats bidden we voor de talloze slachtoffers: christenen, yezidi’s, Koerden, in ongenade gevallen moslims; kortom de bevolking van Irak en Syrië. We bidden dat ze in die diepe duisternis vol geweld mogen merken dat de Here God bij hen is en voorziet in wat ze nu nodig hebben. We bidden dat God het geweld een halt toeroept zodat zijn kinderen en hun omgeving veilig zullen zijn.

ze weten niet wat ze doen

En …, in navolging van de kerk in Irak en Syrië bidden we voor de leiders en strijders van ISIS: ‘Vader, vergeef hun, ze weten niet wat ze doen.’ Onlangs hoorde ik Syrische pastors uit Aleppo dit bidden tijdens een week waarin meer dan 1.000 doden vielen in Syrië. Ze bidden het gebed van Jezus, omdat ze weten dat de daders niet doorhebben wat ze Christus via de christenen aandoen. Elke keer als strijders een christen doden omwille van zijn of haar christelijk geloof, kruisigen ze Christus opnieuw. Daarom bidden christenen met Jezus: Vader vergeef hun.

Ik probeer het met heel mijn hart na te zeggen als ik bid, maar het is lastig. Alles in me schreeuwt om straf, om ingrijpen, om rechtvaardigheid. En ja, ik geloof dat wereldleiders daar ter plaatse moeten ingrijpen om het onrecht te stoppen.

Maar de mensen van ISIS, wat moet er met hen gebeuren? Dat is het dubbele in mijn bidden: ik bid tegen IS, maar ik bid ook tot God om genade voor de daders, om vergeving van hun zonden, om een verandering in hun leven.

Waarom bid ik zo? Omdat Jezus het voordoet, omdat ik het de vervolgde broeders en zusters hoor doen, omdat de Bijbel me dit leert: zegen wie u vervloeken, zegen, en vervloek hen niet. Daarom wil ik leren om te bidden voor Abu Bakr al-Baghdadi, leider van ISIS, die verantwoordelijk is voor de dood van zo veel broeders en zusters.

Bron: Nederlands Dagblad